Select Page

“Wat zei hij toen?”
“Hij zei dat ik het dan ook gewoon moest vragen!” zeg ik tegen mijn vriendin terwijl we stevig door stappen door de eerste winterse storm van dit jaar.
“Gewoon vragen?” herhaalt ze nog een keer verbaasd.
“Ja, gewoon vragen.” bevestig ik terwijl ik mijn handen dramatisch in de lucht gooi want we doen graag dramatisch tijdens onze wandelingen om vervolgens tegen elkaar te roepen dat we niet zo dramatisch moeten doen. Met deze wijseid voelt het alsof we alle levensraadsels in één keer hebben opgelost. Gewoon vragen.
Terwijl de sneeuw hard in mijn linkeroor blaast, kijk ik haar schuin aan. Ze heeft dezelfde bedenkelijke blik in haar ogen als ik destijds had toen me dit werd verteld. We lopen in stilte verder. Een hond passeert ons kwispelend, zijn baasje loopt stilletjes voorbij en geeft ons alleen een knikje.
“Dus…”, verbreekt ze de stilte weer.
“Gewoon vragen, J, gewoon vragen.” zeg ik opnieuw en we schieten in de lach door de simpelheid van mannen.

J en ik hebben samen een behoorlijke geschiedenis. We zijn in hetzelfde jaar gescheiden. Onze kinderen gingen naar dezelfde peuter-, kleuter-, en basisschool waardoor we als outcast op het schoolplein een beetje aan elkaar zijn blijven plakken. Het was niet echt een bewuste keuze geweest. Door de jaren heen zijn er heel wat dates gekomen en gegaan. Elke date die kwam en doorgaans ook heel snel ook weer verdween, probeerden we te ontrafelen, te begrijpen en te ontleden maar we kwamen er nooit uit. Wat wilden ze nou precies? Wat was de reden van hun besluit, acties of welke stap ze ook zetten? Waarom gingen wij er steeds in mee? Een uitzending van dr Phil was er niets bij.

Vroeger was dat nog ’s middags thuis bij de thee met een koekje terwijl de kinderen met lego speelden. Zij had de luxe dat haar kinderen in de weekenden naar hun vader gingen en dus uit kon gaan. Ik had die luxe niet en zat vooral thuis. Ook toen de kinderen tieners werden en ik wel uit had kunnen gaan, lukte het niet door een gebrek aan zware metalen in mijn lijf. Thank de Lord voor de ijzerinfusen en mijn nieuwe huisarts in 2020 zodat we voor het eerst na jaren samen wekelijks in de kroeg onze Piemelpraatavonden hadden, waar we opnieuw de dates en potentiele dates op tafel gooiden met alle vraagstukken erbij inclusief foto’s natuurlijk. Ergens tussen een Chardonnay en een rosé planden we ook nog een vakantie naar Schotland. Wat was het leven mooi!

En toen brak de pleuris uit. Nouja, niet de pleuris, want die had ik al in 2005 gehad, maar Corona. Onze vaste stamkroeg ging dicht waardoor er een einde kwam aan onze Piemelpraatavonden, de grens ging dicht waardoor de reis naar Schotland, en de daarbij behoorde Schotse dates, ook op de tocht kwam te staan. Het leven werd een uitzichtloze aaneenschakeling van saaie dagen zonder dates of piemelpraat dus besloten we te gaan lopen. Het enige wat nog wel mocht. Wie weet wat we op onze barre tochten zouden tegenkomen. We bleven hoop houden. Ik had de wandelschoenen, J had de routes. De thee werd verzorgd door de Mac-Drive. Onze piemelpraatavond was veranderd in een piemelpraatwandeltocht, kilometer na kilometer door weer en wind, blubber en ijs werd elke potentiele date weer ouderwets besproken. Het leven leek weer zin te hebben.
“Gewoon vragen dus.” bevestigt ze nog een keer.

Niet veel later kruip ik, na twee uur banjeren door de vrieskou, tegen de verwarming met een hete kop thee en denk nog even terug aan ons gesprek. Ik zie de sneeuw langzaam naar beneden dwarrelen. Wat houd ik toch van dit weer. Dwarrelsneeuw maakt me altijd blij. Met mijn herwonnen moed besluit ik de theorie van het gewoon vragen in de praktijk te brengen.
Ik pak mijn telefoon en open WhatsApp.
“Mag ik je wat serieus vragen?” Typ ik zonder te aarzelen. Waar het normaal uren duurt voordat ik wat hoor, krijg ik nu direct antwoord. Potverdikkie de theorie van vragen werkt gewoon echt. Ik klik nog een andere naam aan. Gekgenoeg heb ik nooit ruzie maar met deze persoon is het altijd raak en dat zit me dwars. Ik hou namelijk niet van ruzies en zeker niet van weglopen van ruzies zodat het niet uitgesproken kan worden. Als iemand besluit uit mijn leven te verdwijnen dan moet dat wel op een goeie manier, niet met ruzie.
“Ik heb vandaag een gesprek gehad met mijn therapeut,” schrijf ik gekscherend en leg de theorie van het vragen uit met de daarbij behorende vraag. Ook nu krijg ik vrijwel meteen antwoord. Ik ben meer dan verbaasd. Deze shit werkt gewoon. Waar we vroeger als kind altijd hebben geleerd dat wie vraagt wordt overgeslagen, blijkt precies het tegenovergestelde waar te zijn.
“We’ll be ok.” krijg ik terug waarmee ik weet dat de ruzie weer is bijgelegd.
Ik klik mijn telefoon uit en leg hem naast me neer. Mijn voeten liggen op de verwarming en mijn handen omsluiten de hete kop thee als ik naar de hypnotiserende vallende sneeuw kijk. Het leven kan blijkbaar zo simpel zijn. Ik besluit dat dit het motto wordt voor 2021. Twee dagen later zit ik bij de huisarts. Mijn ijzer is weer teveel gezakt. De assistente vond het prima maar ik was het daar niet mee eens en bespreek dit met de huisarts. Ik vraag om een infuus. Hij gaat akkoord en schrijft de brief naar de internist. Ik glimlach en denk terug aan de wijze raad die mijn goede vriend mij gaf, “Dat moet je dan gewoon vragen!” Good girls go to heaven, smart girls go everywhere dus vanaf nu vraag ik gewoon!