Nadat ik de laatste boodschappen in de koelkast heb gezet, plof ik op de bank. Zoon kijkt me wat meelijwekkend aan. Terwijl hij vakantie viert, ren ik me rot. Het was weer zo’n dag. Eerst naar klant één, dan naar klant twee. Nog even snel het prentenboek ‘Ralfje het slapeloze kalfje‘ bij iemand afgooien en een pitstop bij mijn ouders om wat hulpstukken en allergiepillen af te geven. ‘Kopje thee?’ vraagt mijn moeder retorisch want zodra ik maar mijn neus achter de deur steek, moet er thee gedronken worden. Ik protesteer niet. Nu ze al zolang binnen zit, vindt ze een praatje wel gezellig. Ik knik en ga zitten terwijl ze al kwebbelend de thee zet. ‘Je zus klaagde dat de kippen haar tuin om schoffelde…’ gaat ze verder. Het eerste stuk hoorde ik al niet eens omdat de waterkoker stond te borrelen en de muziek op tien stond. Er was ook nog iets over een bed of zo.

‘Oh’ zeg ik zonder enige emotie. ‘wat vervelend’. Jeetje, denk ik bij mezelf, ik wou dat ik de luxe had, om hele dagen naar mijn kippetjes in de tuin kon kijken. Ergens in mijn achterhoofd komt het liedje van een cabaretier weer naar boven. Ze heeft een heel zwaar leven. M’n moeder kijkt me vragend aan als ik in mezelf zit te grinniken. ‘Binnenpretje’ zeg ik schaapachtig. ‘Ik heb het gewoon vreselijk druk met mijn projecten.’ Gelukkig gaat ze zelf alweer snel verder over haar eigen leven. Na de twee verplichte kopjes thee en een chocolaatje, zeg ik dat ik nu echt weer verder moet want ik moet nog zoveel doen.

Mijn laatste stop is de supermarkt. Ik graai wat dingen bij elkaar. Ik voel mijn energie tot beneden het nulpunt zakken en ik besluit mezelf te trakteren op een chocoladebroodje. Geen idee wat het is, maar het is chocola. En zo kom ik lijkwit, met een tas vol boodschappen, weer thuis.

‘Weet je wat jij moet doen?’ zegt zoonlief als hij me helpt de boodschappen op te bergen, ‘Je moet je hele levensverhaal opschrijven en naar Netflix sturen.’
Ik knipper even met mijn ogen. ‘Je hebt zo’n bijzonder leven, daar kunnen ze een hitserie van maken en dan hoef je nooit meer te werken!’ Zonder op antwoord te wachten,  pakt hij zijn kaasbroodje en sjokt terug  naar zijn kamer. Geniaal, dacht ik bij mezelf maar waar haal ik de tijd vandaan om mijn verhaal te schrijven. Het blijft grappig dat ik op een maandag geboren ben, tijdens een vreselijke soapserie. Mijn leven heeft zich in die trend voortgezet. Elke dag is maandag en elke dag weer een nieuwe aflevering waarin ergens wel weer een probleem op duikt. Veel tijd om na te denken heb ik niet, wat mijn telefoon rinkelt alweer. Ik duw Netflix nog maar even naar de achtergrond. Misschien later of zo….