Select Page

“Dear mister Boris, can you please open up the border?”
‘No! Why?’
“I want to see Poop”
‘Okay Poop I know her, Mireille and I are besties. We had a drink together’

Het is maandagavond en ik was net achter mijn iMac gekropen om nog wat werk af te maken, waar ik die dag niet aan toe gekomen was. Nog even de labels afmaken zodat ik de volgende dag met een nieuw project kan beginnen, in afwachting van de correcties. Ineens begint mijn telefoon vreselijk te rinkelen alsof er haast bij is. Ik zie een naam op het display, glimlach en gooi snel de camera aan. Een grote grijns verschijnt op mijn beeldscherm die enthousiast vertelt, hoe ze haar kamer heeft opgeruimd zoals ze beloofd had, met de nodige rondleiding natuurlijk. Toevallig had ik ook net mijn hele huis in veertig minuten opgeruimd omdat ik de avond ervoor een spelletje had verloren. Natuurlijk niet omdat ik er de volgende dag een mannetje zou komen om het huis te inspecteren. Het is grappig te zien hoe we ons allebei aan ons woord hebben gehouden. Iets wat tegenwoordig een zeldzaamheid lijkt te zijn geworden.

We kletsen over school, we doen weer spelletjes, ze stelt me voor aan haar nieuwe collectie knuffelbeesten en we fluisteren stiekem over het cadeautje wat ik voor haar zus heb gekocht. Hoe lang hebben we elkaar nu al niet gezien? Het lijkt al meer dan een eeuwigheid. Voor de pandemie kon ik een trein boeken en naar haar toe rijden. Al ruim een jaar zijn er reisbeperkingen, strenger in UK dan in Nederland met regels die dagelijks veranderen. Ik zie door de bomen het hopeloze en uitzichtloze bos niet meer. De feesten, de terrasjes, de avondklok, het kan me allemaal gestolen worden. Ik wil gewoon dat kleine meisje weer in het echt zien en een dikke knuffel geven. Gewoon, omdat ze ook een beetje mijn meisje is. ‘Ditch the guy but keep the kid.’ zeg ik gekscherend tegen mensen die het niet begrijpen. Vanaf het eerste moment dat ik haar ontmoette, heb ik haar in mijn hart gesloten. Alhoewel haar vader zowel haar als mij de rug heeft toegekeerd, blijven wij gewoon lekker besties forever.

‘Do you think we will ever see it eachother again?’ vraagt ze opnieuw. Mijn hart breekt in een miljoen kleine stukjes. Binnensmonds vervloek ik de pandemie. Ze vraagt het de laatste dagen steeds vaker.
‘Why dont you call Boris and ask him if he can make an exception for me! And I will be on my way on the first train!’ Ze begint heftig te typen en stuurt het bewijs door dat ze Boris heeft gesproken. We moeten er een beetje om lachen ondanks de verdrietige situatie.

‘You know what?’, zeg ik in mijn beste Engels, ‘we houden allebei het nieuws in de gaten.’
“Ik kijk geen nieuws!” valt ze me in de reden.
‘Dan vraag je aan T of hij het nieuws in de gaten houdt. Zodra je hoort dat ik Engeland in mag, boek ik direct een trein om je op te zoeken! Ik beloof dat bij deze plechtig.’
Ze kijkt me twijfelachtig aan of ik echt meen wat ik beloof. Het is de nalatenschap van volwassenen die haar te vaak hebben teleurgesteld. ‘Beloofd!’ zeg ik nog een keer met klem. Haar grijns wordt zo groot dat het de kamer verlicht, ze juicht en danst en stuurt screenkisses. Als mijn hart al niet in een miljoen stukjes was gebroken, dan zou dat nu opnieuw gebeuren.

Het is daarna al snel tijd voor haar om af te sluiten en naar bed te gaan. We zeggen allebei gedag met screenkisses en een hoop gezwaai. Ik klik mijn telefoon uit en staar naar mijn beeldscherm. Ik moet nog steeds mijn werk afmaken maar ik kan het niet helpen even af te dwalen naar tijden dat reizen nog normaal was. Ik kan alleen maar hopen dat deze pandemie-gekte binnenkort begint over te waaien, alleen al voor al die mensen die elkaar al zolang hebben moeten missen.